Een bord Hongaarse geschiedenis Goulash geniet wereldfaam als dé Hongaarse specialiteit. De naam is zo bekend dat zelfs een term als ‘goulashcommunisme’ over de gehele wereld in de geschiedenisboekjes vermeld wordt. Iedereen weet vrijwel meteen dat hiermee Hongarije wordt bedoeld. Het woord gulyás betekende oorspronkelijk alleen ‘runderherder’ en het woord gulyáshús betekende letterlijk ‘goulashvlees’, naar het gerecht dat door de herders werd bereid. Tegenwoordig zijn deze betekenissen samengesmolten en betekent gulyás zowel ‘runderherder’ als ‘goulashsoep’. De poesta was vanaf de Middeleeuwen tot ver in de 19e eeuw het domein van enorme runderkudden. Als exportartikel werden de Hongaarse runderkudden door een groot deel van Europa gedreven naar Moravi?, Wenen en zelfs Neurenberg en Veneti?. Deze herders hadden onderweg altijd wel een ‘ziek’ dier dat ‘noodgedwongen’ geslacht moest worden en uiteraard in de goulashketel belandde. Toen tegen het einde van de 18e eeuw ook de aristocratie zich steeds meer Hongaar begon te voelen en de goulash ook in de kookpotten van de welgestelden terecht kwam, werd langzamerhand de goulash uitgeroepen tot het nationale gerecht. Goulash was tot dan toe het voedsel voor de arme herders op de poesta geweest, maar werd nu in porseleinen borden met zilveren bestek opgediend. Via de gegoede burgerij veroverde het vleesgerecht heel Hongarije tot in de verste uithoeken van het land en verspreidde zich uiteindelijk over de gehele wereld. Goulashsoep is op verschillende manieren te bereiden. Elke bereidingswijze heeft natuurlijk zijn eigen fervente aanhangers. Met vlees en aardappelen mag niet te zuinig worden omgesprongen. Bloem als bindmiddel is uit den boze, gebruik dan liever 1 of 2 eetlepels tomatenpuree. Kwistig gebruik van paprikapoeder zorgt ook voor de nodige binding. Ingrediënten: 600 gram rundvlees (nek of schouder) 1 grote ui 50 gram vet 1 tl karwijzaad 1 teentje knoflook of knoflookcreme Paprikapoeder 1 wortel 1 peterseliewortel 1 tomaat Kruiden (Gulyás Bouillonblokje, Piros Arány, Gulyás Krém, Vegeta) 2 takjes bladselderij 400 gram aardappelen Het
lekkerste is natuurlijk om de goulash in een bogrà c of heksenketel te maken…
Belangrijkste is dat je geduld hebt bij het maken van de goulash waardoor alle
smaken mooi met elkaar versmelten. Ik neem zelf altijd 2 dagen de tijd…
Snijd het vlees in blokjes, pel en snipper de ui. Verhit het vet (ik gebruik
vaak ook reuzel, eventueel zonnebloemolie maar olijfolie is uit den boze!) in
een grote pan (3 liter) en fruit hierin de ui. Bak karwijzaad en uitgeperste
knoflook kort mee. Haal de pan van het vuur, voeg vlees, paprikapoeder en wat
zout toe. Kook het geheel in een gesloten pan op laag vuur en voeg eventueel
nog wat water toe. Kook het vlees halfgaar en draai dan het vuur uit. Ik laat
dit nu ongeveer 1 dag rusten.
Als het vlees half gaar is voeg je de in blokjes gesneden wortel en
peterseliewortel, de gevierendeelde tomaat en de selderij toe. Blus het vlees
en de groenten met 1,5 liter bouillon en naar smaak de Piros Arány en Gulyás
Krém. Laat het geheel afgedekt 15-20 minuten sudderen. Voeg als laatste de
geschilde en in blokjes gesneden aardappelen toe. Als de aardappelen gaar zijn
is de soep klaar. Serveer de soep gloeiend heet. Hongaren serveren vers
witbrood, gedroogde scherpe parika’s en een glas Kadarka of Egri Bikavér bij de
soep. Om dit overheerlijke recept te kunnen bereiden hebben wij speciaal voor u het goulashsoep pakket samen gesteld. Dit pakket bevat alle benodigde kruiden. Het enige wat u zelf nog moet halen zijn de verse produkten. Om dit unieke pakket in uw keuken te krijgen hoeft u het pakket alleen maar in uw winkelwagen te stoppen en af te rekenen.  Download hier het recept.
|